Actualiteiten


Gebruik nekklem onrechtmatig?

In een civiele zaak tegen de Staat is een verbod gevorderd op het gebruik van de nekklem door de Nederlandse politie, bijzondere opsporingsdiensten en de Koninklijke marechaussee tijdens hun werkzaamheden. De eisende partij is een activist die veelvuldig deelneemt aan manifestaties en acties waarbij de politie handhavend optreedt. Tijdens een demonstratie in Amsterdam werd hem een nekklem omgelegd.
De eiser in die zaak vond dat het toepassen van de nekklem als zodanig al onrechtmatig is, omdat daartoe een duidelijke en specifieke wettelijke basis ontbreekt, daaraan risico’s (onder andere overlijden) zijn verbonden die met alternatieve aanhoudingstechnieken zijn te vermijden en de nekklem in Nederland in de opleiding voor politieambtenaren niet worden onderwezen.

De rechtbank oordeelt echter dat er wel een wettelijke basis is voor het gebruik van een nekklem, namelijk de Politiewet 2012. Op grond van artikel 7 lid 1 van die wet is elke ambtenaar van politie die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak bevoegd geweld te gebruiken indien het beoogde doel dat rechtvaardigt.
Ook is de rechtbank van mening dat in het algemeen niet kan worden geconcludeerd dat toepassing van de nekklem onrechtmatig is, zodat voor een algeheel verbod op het gebruik van de nekklem geen plaats is. Dat het gebruik van de nekklem een dodelijke afloop kan hebben, maakt dat, hoe betreurenswaardig het ook is indien dat zich voordoet, niet anders. De nekklem is niet anders dan andere vormen van geweld of het gebruik van vuurwapens door de politie.

Dat in Nederland in de opleiding voor politieambtenaren de nekklem niet wordt onderwezen, heeft volgens de Staat als reden dat toepassing van de nekklem wordt ontmoedigd en dat de nekklem niet wordt getraind, juist om te voorkomen dat deze vaker in de praktijk zal worden gebruikt. De rechtbank volgt deze argumentatie van de Staat en oordeelt dan ook dat er niet onrechtmatig is gehandeld. Van de Staat kan niet verlangd worden aan al die vormen van geweld aandacht te geven in de opleiding. Slechts achteraf kan worden beoordeeld of de toegepaste vorm van geweld onrechtmatig was.

De rechtbank heeft dan ook de vordering van de activist afgewezen en geoordeeld dat in individuele gevallen dient te worden getoetst of de nekklem gerechtvaardigd en met inachtneming van de eerder genoemde beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit is toegepast.
Voor de toetsing in de individuele gevallen is het daarom altijd verstandig om advies in te winnen van een (strafrecht)advocaat.

mr. D. (Danny) Vong
 

Deel dit bericht op Facebook