Actualiteiten


Strafrechtelijke aansprakelijkheid medisch handelen

Wanneer een arts in het belang van zijn patiënt een medische ingreep heeft verricht en er onverhoopt een complicatie is opgetreden waardoor de patiënt schade lijdt, kan hij zich beroepen op de medische exceptie in het geval van strafrechtelijke vervolging. Wanneer een arts een beroep op de medische exceptie toekomt, heeft hij niet wederrechtelijk en dus niet strafbaar gehandeld.

 

Aan de medische exceptie worden de volgende eisen gesteld:
1. de handeling is medisch geïndiceerd met het oog op een concreet behandelingsdoel;
2. de handeling wordt volgens de regelen der kunst verricht;
3. de handeling wordt met toestemming van de betrokkene uitgevoerd.
In een recente uitspraak waarin ik als advocaat heb opgetreden voor de verdachte, heeft de rechtbank in ’s-Hertogenbosch de medische exceptie onderschreven, maar is alsnog tot het oordeel gekomen dat niet conform de regelen van de kunst is gehandeld door de chirurg, omdat hij niet voldoende zicht zou hebben in het operatiegebied. De rechtbank verwijst daarvoor hoofdzakelijk naar de verklaringen van twee operatie- assistenten en het ontbreken van een logische verklaring voor de uiteindelijke foutieve afloop van de operatie.
In de uitspraak van de Haagse borstendokter, had de rechtbank in Den Haag echter overwogen dat de lat voor strafrechtelijke aansprakelijkheid hoger ligt dan die voor civielrechtelijke- of tuchtrechtelijke aansprakelijkheid. In zijn algemeenheid kan volgens de rechtbank in Den Haag worden gesteld dat daarom niet iedere fout, ook al wordt die meermalen en in dezelfde context gemaakt, een beroep op de medische exceptie hoeft uit te sluiten.
 

Het is de vraag of de rechtbank in Den Haag met dat criterium niet tot een ander oordeel zou zijn gekomen als de rechtbank in ’s-Hertogenbosch. De lat voor strafrechtelijke aansprakelijkheid voor medisch handelen ligt volgens de rechtbank in Den Haag immers hoog. Daarbij dient ook te worden meegenomen dat de rechtbank in ’s-Hertogenbosch bijna geen aandacht heeft besteed aan de medische aspecten van de operatieprocedure, terwijl de rechtbank in Den Haag daar wel uitgebreid op in is gegaan. Gelet op het verschil in de wijze van beoordeling van deze (medische) strafzaken en er naar verwachting een procedure in hoger beroep zal volgen in beide zaken, ligt het op de weg van het Gerechtshof om meer eenduidigheid te creëren in de rechtspraak.

Mr. D. (Danny) Vong
 

Deel dit bericht op Facebook