Actualiteiten


Zelfstandig verzoek minderjarigen bijzondere curator

Normaal gesproken worden minderjarigen in een procedure vertegenwoordigd door (een van) de ouders. Indien er sprake is van een conflict tussen een minderjarig kind en zijn / haar ouders kan een bijzondere curator worden aangewezen die de belangen van deze minderjarige vertegenwoordigd. Het moet wel gaan om een wezenlijk conflict, zoals bijvoorbeeld over de omgangsregeling tussen de minderjarige en zijn of haar ouders, of een groot meningsverschil over de studiekeuze. Dit is meestal bij echtscheidingen, alimentatie- en voogdijzaken. Kleine problemen - zoals ruzies over zakgeld - behandelt een bijzondere curator niet.

Op 29 mei 2015 heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan over het verzoek van minderjarigen om een bijzondere curator te benoemen (HR 29 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1409). Wat was er in deze zaak aan de hand?

Twee minderjarigen hebben de rechtbank verzocht om een bijzondere curator over hen te benoemen. In dat zelfde verzoek hebben zij de rechtbank gevraagd om te bepalen dat hun moeder voortaan alleen belast werd met het gezag over hen alsook een bezoekregeling vast te stellen. Aan hun verzoeken hebben de minderjarigen ten grondslag gelegd dat zij genoeg hadden van het geruzie door hun ouders over onder meer de bezoekregeling en andere zaken die in het kader van de echtscheiding aan de orde waren.

De rechtbank heeft de verzoeken van de minderjarigen afgewezen. Vereist is namelijk voor het toekennen van het gezag aan een van de ouders, dat er een onaanvaardbaar risico bestaat dat de minderjarigen klem of verloren dreigen te raken tussen de ouders, indien de ouders gezamenlijk met het ouderlijk gezag belast blijven.
De minderjarigen zijn vervolgens in hoger beroep gegaan en in die procedure heeft het hof de minderjarigen niet-ontvankelijk verklaard in hun beroep. Het hof oordeelde dat de minderjarigen formeel geen partij kunnen zijn in deze procedure en dus niet zelf een verzoek kunnen indienen om een bijzonder curator te benoemen. Zij waren het met die uitspraak niet eens en zijn naar de Hoge Raad gegaan met het verzoek om zich te buigen over de vraag of minderjarigen een zelfstandig recht hebben om de verzoeken in te dienen, zoals zij hadden gedaan.

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de rechter een bijzondere curator kan benoemen indien hij dit in het belang van die minderjarige noodzakelijk acht (art. 1:250 Burgerlijk Wetboek). Al in een uitspraak van 4 februari 2005 heeft de Hoge Raad beslist dat een minderjarige ook zelf kan vragen een bijzondere curator te benoemen als deze minderjarige belanghebbende is (HR 4 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4850, NJ 2005/422). In alle familierechtelijke zaken is dat het geval als het gaat om zaken die betrekking hebben op de minderjarige.
Ook heeft de rechter de mogelijkheid om ambtshalve een beslissing te nemen betreffende (i) het eenhoofdig gezag, (ii) omgang en informatie, of (iii) de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken. Vereist is wel dat de minderjarige twaalf jaar of ouder is, dan wel dat de minderjarige die de leeftijd van twaalf jaar nog niet heeft bereikt, in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen. De minderjarige kan zo dus op informele wijze zijn of haar wensen aan de rechter kenbaar maken. Het is dan niet nodig dat de minderjarige wordt vertegenwoordigd door een wettelijke vertegenwoordiger of een bijzondere curator.
In de uitspraak van 29 mei 2015 heeft de Hoge Raad beslist dat een minderjarige kan verzoeken om een bijzondere curator te benoemen, alsook dat deze minderjarige, zonder te worden vertegenwoordigd, hoger beroep kan instellen tegen een afwijzing van dat verzoek. Daarnaast is nogmaals bevestigd wat reeds op 1 februari 2013 al was beslist door de Hoge Raad (HR 1 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ0245) , namelijk dat minderjarigen deze mogelijkheid om hoger beroep in te stellen, zonder vertegenwoordiging, eveneens hebben ten aanzien van de afwijzing van de overige gedane verzoeken.
 

Deel dit bericht op Facebook