Moest u vóór 1 oktober 2010 voor bepaalde hindergevoelige activiteiten een milieuvergunning aanvragen, dat is sinds 1 oktober 2010 verleden tijd.
U kunt immers via de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een Omgevingsvergunning betreffende het oprichten, veranderen of in werking hebben van een inrichting. En voor heel veel inrichtingen bepaalt het Activiteitenbesluit aan welke milieueisen u moet voldoen zodat u dan helemaal geen aparte vergunning nodig.
Een inrichting is een bedrijf dat op het gebied van geluid, geur, uitstoot van stoffen, hinder kan toebrengen. Het gaat weer over “activiteiten” die nadelige gevolgen kunnen hebben voor het milieu. Daarbij geldt het “Alara-principe”. Bij een fabriek of andere industrie met in de directe omgeving woningen, worden eisen aan de geluidsproductie gesteld. De best bestaande technieken kunnen dan voorgeschreven worden om de hinder zo klein mogelijk te maken.
Ook speelt de bedrijfszonering een rol. De inrichting heeft immers heel vaak een uitwaartse werking naar de directe omgeving die uitgedrukt wordt in “hindercirkels”. Binnen zo’n hindercirkel mogen dan geen andere activiteiten plaatsvinden. Staan er al “hindergevoelige” objecten, zoals huizen, scholen, dan kan de inrichting niet meer uitbreiden.
Met 401 mensen op één vierkante kilometer en heel veel bedrijvigheid is de ruimte schaars en de kans op hinder groot. Dat maakt de noodzaak tot ingrijpen en ordening vanuit de overheid groter. Desondanks kan de gemeente geen excessieve maatregelen eisen, waardoor de kosten de pan uit rijzen. Anderzijds kan van u als eigenaar van de inrichting verwacht worden dat deze alle redelijke maatregelen ook treft. In dat spanningsveld zijn allerlei afzonderlijke regels van toepassing. Wij kunnen aangeven welke regels dat zijn en hoe daarmee omgegaan moet worden. Tot slot stellen wij uw rechten bij de rechter veilig.
